www.victorycs.nl


  • Narrow screen resolution
  • Wide screen resolution
  • Decrease font size
  • Default font size
  • Increase font size

Smartengeld bij letselschade, hoe zit dat?

Alles over smartengeld treft u hier.

Uitleg van smartengeld-smartengeld bij whiplash-smartengeldvergoeding-smartengeld ANWB-smartengeldgids-smartengeld ANWB

1 miljoen dollar voor een kop te hete koffie welke over de schoot van een mevrouw heen valt. McDonalds heeft het moeten betalen omdat in Amerika de functie van een smartengeldvergoeding tevens “punitive”, en dus straffend is. McDonalds was diverse keren gewaarschuwd en middels dit vonnis krijgt het een waarschuwing om actief iets te gaan doen aan het schenken van te hete koffie. In Nederland kennen we dit aspect niet, ook al zou het soms zeker nuttig kunnen zijn.

Stel, u heeft letsel opgelopen en de schaderegelaar van de verzekeraar of uw eigen belangenbehartiger adviseert u akkoord te gaan met een bepaald bedrag aan smartengeld. Hoe weet u wat dit precies inhoud en vooral of het u geboden bedrag wel genoeg is?

Artikel 6:95 BW geeft aan dat schade die bestaat uit “vermogenschade en ander nadeel” vergoed dient te worden. Hiermee wordt bedoeld de immateriële schade bestaande uit lichamelijke pijn, geestelijk leed of vermindering van de levensvreugde. Bijeen noemen we deze vergoeding: smartengeld.

Smartengeld bestaat uit vele componenten

Vraag aan uw belangenbehartiger of hij u de componenten weet te noemen waaruit het smartengeld bestaat en u zult al snel kunnen zien of hij/zij zijn vak verstaat. Smartengeld is namelijk niet alleen een compensatie voor gederfde levensvreugde maar wordt bepaald door o.a.:

• Leeftijd (vgl. iemand van 80 jaar versus een jong kind)
• Duur van de ziekenhuisopnames (vlg. polikliniek versus intensive care)
• Looptijd van het letsel (vgl. een gebroken been van 6 weken of een dwarslaesie levenslang)
• Intensiteit van de behandelingen en doorstane pijn (vgl. een gebroken been versus brandwonden)
• Duur van de behandelingen (een dagopname ziekenhuis versus een revalidatietraject van maanden)
• Resterende beperkingen voor de toekomst (vgl. een breuk versus amputatie)
• Mate waarin u functioneel invalide bent geworden (gaat in % van het gehele lichaam)
• De mate waarin u arbeidsongeschikt bent geworden ( vgl. Kunt u uw eigen werk nog doen of mogelijk ander werk). 
• Gederfde levensvreugde (je kindje niet kunnen tillen of je hobby’s niet meer kunnen uitoefenen. Hier vallen heel veel aspecten onder)
• Het geschokte rechtsgevoel (zie arrest de comateuze timmerman op onze site)

Blijvende invaliditeit versus arbeidsongeschiktheid

Laten we eerst even onderscheid maken tussen blijvende invaliditeit en arbeidsongeschiktheid. Immers, je raakt blijvend invalide als je het topje van je vinger afzaagt. Dit betekent echter niet dat je ook 100% arbeidsongeschikt bent voor je eigen- of voor ander werk.

Al overtuigd?

Wilt u nog even doorlezen of heeft u liever een persoonlijke toelichting? U kunt ons altijd even vrijblijvend bellen: 030-8901346

Smartengeldgids ANWB

Elke 4 jaar brengt de ANWB een nieuwe smartengeldgids uit. Deze gids staat vol met uitspraken gedaan in rechte waarbij inzicht wordt gegeven in de omvang van het letsel, het bedrag welke is gevorderd in de procedure en hetgeen is toegewezen. Het boek wordt gebruikt door schaderegelaars en advocaten. Opgemerkt dient te worden dat de normbedragen welke hierin genoemd worden bijzonder laag zijn. In de praktijk zal een goede schaderegelaar tot hogere bedragen moeten kunnen komen. Onderstaand treft u enige voorbeelden aan. Let u erop dat dit bedragen zijn uit 2003 en dat bij de bepaling van de huidige bedragen minimaal indexering op zijn plaats is.

Bron: Smartengeldgids ANWB 2002
*Geïndexeerde bedrag in euro’s in het jaar 2002

 

Bij het vaststellen van het smartengeld spelen een 7-tal factoren een belangrijke rol. Voor een deel zijn ze hiervoor al genoemd.

1. De aard van de aansprakelijkheid. Is wederpartij volledig aansprakelijk voor de geleden en toekomstige schade? Heeft u een deel eigen schuld doordat u bijv. de gordel niet droeg (kost u 25%).
2. De aard en de ernst van het letsel. Zoals hiervoor ook is toegelicht.
3. De aard, omvang en duur van het leed. Ook dit heb ik u reeds beschreven.
4. De medische, psychiatrische of psychologische behandeling. Ook psychische schade geeft een vergoeding smartengeld. Langdurige psychiatrische behandelingen zijn zeer belastend voor iemand die van een trauma wil genezen.
5. De mate van invaliditeit. Bij functionele arbeidsongeschiktheid wordt de beschadiging van lichaam of geest gemeten in percentages. Dit percentage wordt vaak gebruikt voor sommenverzekeringen om tot bepaling van de uitkering te komen. Of functionele invaliditeit ook tot arbeidsongeschiktheid leidt, is een geheel andere vraag.
6. De mate van bewustzijn. Is het slachtoffer zich bewust van zijn leed? De gedachte immers achter een smartengeldvergoeding is met name dat je als slachtoffer kennis hebt van je leed en je er bewust van bent. Dus lig je in coma dan rijst de vraag of je kennis hebt van je leed. Deze discussie maar ook de discussie bij shockschade of overlijden, is zeer diepgaand en zal ik u hier besparen.
7. Enige predispositie. Hierbij komt de vraag aan de orde of, het ongeluk weggedacht, het slachtoffer klachten zou hebben gehad die overlappend zijn aan hetgeen als ongevalsgevolg wordt opgevoerd. Dus iemand met nek en schouderklachten voor diens ongeval kan bijv. zijn whiplash niet geheel aan het ongeval toewijzen. De verzekeraar zal het medisch causale verband betwisten.

Hoogte van het smartengeld

In Nederland wordt nauwlettend getracht de omvang van het smartengeld aan banden te leggen. De adviseurs van Victory Juridisch Advies zijn van mening dat de hoogte van het smartengeld veel te laag is. Immers hoe laat een levenslange beperking als een ernstige whiplash zich vertalen naar een gemiddeld smartengeldbedrag van € 10.000,-?  Besmetting met een HIV-virus in de tijd dat hier nog geen medicatie voor was, leidde in 1992 tot een maximale toekenning van € 136.134,- (fl.300.000,-) aan smartengeldvergoeding. Dit plafond is m.i. nog immer niet doorbroken. De auteur van dit artikel, de heer Terlingen, regelde voor een slachtoffer een slotbetaling van fl. 1.796.926,-  Als smartengeld werd bepaald een bedrag van € 125.000,- . Dit werd onderling overeengekomen en niet hoger gesteld omdat dit ongewenste aandacht zou oproepen. Ik ben ervan overtuigd dat dit bij vele andere zaken precies zo gaat. Dit betekent dus dat min of meer kunstmatig een maximale plafond niet overschreden wordt. Aan de andere kant is dit minder belangrijk zolang de verzekeraar de totale schade betaalt. Welk etiket dan precies op de diverse posten staat, kan het slachtoffer niets schelen. Hij krijgt immers zijn totale schade betaald en is tevreden.

In de praktijk

Hoewel de bedragen nog immer laag zijn, mag wel geconstateerd worden dat de invoering van de euro een positieve invloed heeft gehad op de hoogte van het smartengeld. Vroeger rekenden wij, als schaderegelaars, nog met circa fl.1000- tot fl.1500,-  per procent blijvende invaliditeit. Nu is dit hetzelfde bedrag maar dan in euro’s geworden. Natuurlijk spelen daarbuiten ook overige facetten een rol maar met name bij de wat kleinere zaken die niet lang lopen wordt deze leidraad veelvuldig gehanteerd.

Schade bij overlijden

Tot op de dag van vandaag krijgt u geen smartengeldvergoeding indien een van uw directe dierbaren, door schuld van een ander, overlijdt. Ik hoor u denken, hoe is dit in Nederland mogelijk? Bij het verlies van een kind bijvoorbeeld krijgen de ouders geen smartengeldvergoeding. Dit omdat het kind zelf dan geen leed meer kan ervaren. Dit terwijl het wetsvoorstel affectieschade uit 2003, in 2006 door de Tweede Kamer is gegaan maar nog immer niet definitief is, in afwachting van een studie van de Vrije Universiteit Amsterdam. Het is mij niet duidelijk wanneer dit onderzoek afgerond is. De belangrijkste gedachte aan het toekennen van een vergoeding bij overlijden is erkenning van het leed en genoegdoening. Tot heden is een bedrag van € 10.000,- per nabestaande als voorstel neergelegd.

Smartengeld en wettelijke rente

Smartengeld is in principe direct opvorderbaar nadat u de schadeveroorzakende gebeurtenis is overkomen. Verzuim zonder ingebrekestelling (art.6:83 BW) treedt immers in bij wanprestatie en onrechtmatige daad waarvan in ieder geval sprake is bij o.a. verkeersongevallen, bedrijfsongevallen en medische missers. Art. 6:119 BW inzake de wettelijke rente loopt dus gelijk. Heeft u echter schade in het jaar 2002 en wenst u deze in 2006 af te rekenen dan gelden de normen ten tijde van het jaar 2002 (indien u de rente wenst door te berekenen). Doet u dit niet dan kunt u afrekenen tegen de huidige normen maar krijgt u geen wettelijke rentevergoeding. Dit zou anders dubbel zijn omdat in de wettelijke rente reeds een inflatiecomponent zit.

Smartengeld en een scheiding

Het persoonlijk karakter van de smartengeld vergoeding zorgt ervoor dat deze buiten de gemeenschap valt. Uw partner kan er dus niet aankomen. Onder omstandigheden kan de vergoeding echter wel meetellen bij het vaststellen van de alimentatie. (Zie: Hoge Raad 7 okt 1994, NJ 1995, 59).

Smartengeld en de Belastingdienst

Tot slot nog een antwoord op een veelgestelde vraag: “moet ik smartengeld opgeven aan de belasting?”.  Smartengeld valt in box 3 en niet in box 1 en is dus niet onderhevig aan enige belasting buiten de vermogensrendementsheffing van 1,2% indien bij u van toepassing. Er is immers geen verband aan te wijzen tussen uw inkomen en het smartengeld.

Smartengeld TV en smartengeld-nieuws

Recente artikelen over het smartengeld treft u aan onder het kopje Letselschade nieuws.

Op TV is nog weinig aandacht besteed aan het smartengeld. Dit is jammer omdat tot op de dag van vandaag de smartengeldvergoedingen m.i. veel te laag zijn.

Test uw belangenbehartiger

Test uw eigen belangenbehartiger en u zult merken waarom dit een specialistisch vak is. U kunt bij ons vrijblijvend om aanvullend advies vragen. Wij zijn te bereiken op tel.nr.: 030-8901346.

Auteur: Jeroen Terlingen