www.victorycs.nl


  • Narrow screen resolution
  • Wide screen resolution
  • Decrease font size
  • Default font size
  • Increase font size

Bedrijfsongeval

Baas draait op voor letsel ex-werknemer door Bart Mos

AMSTERDAM -  Bedrijven in Nederland dreigen opgezadeld te worden met miljoenen euro's aan onverzekerde letselschade van (ex-)werknemers die in het verleden bij een verkeersongeluk gewond raakten.

Werkgevers worden als gevolg van deze uitspraak met terugwerkende kracht geacht een verzekering te hebben afgesloten voor hun personeel. Vrijwel geen enkel bedrijf beschikt over zo'n polis, en verzekeraars laten het wel uit hun hoofd om dekking te bieden voor ongelukken uit het verleden.

Strop

Volgens advocaat Frank Stadermann, specialist in verzekeringsrecht, kan de uitspraak van de Hoge Raad een grote strop betekenen voor bedrijven.

"Iedereen die in het verleden onder werktijd bij een verkeersongeluk betrokken raakte, of dat nou als voetganger, fietser of automobilist was, kan zijn werkgever voor zijn schade aansprakelijk stellen. Dat geldt dus bijvoorbeeld ook voor de winkelhulp van de slager om de hoek. Die ondernemer loopt in het geval van zwaar letsel een groot risico failliet te gaan", constateert Stadermann, die momenteel zelf een bedrijf bijstaat dat gedwongen wordt een miljoen euro te betalen aan een ex-werknemer, die vrijwel geheel verlamd raakte bij een verkeersongeluk.

De reguliere aansprakelijkheidsverzekering voor bedrijven (AVB) biedt in zo'n geval geen soelaas, want die geeft in deze situatie geen dekking. Zo besliste tenminste de Haagse rechtbank onlangs.

De werkgever zelf draait dus op voor alle schade. Werkgeversorganisatie VNO-NCW noemt de ontstane situatie zeer ongewenst. "Wij dringen daarom aan op spoedige reparatie van de wetgeving op dit punt", aldus een woordvoerder

Bedrijfsongevallen, de aansprakelijkheid van de werkgever 

De werkgever dient ervoor te zorgen dat zijn of haar werknemers in een veilige werkomgeving hun arbeid kunnen verrichten. Schiet de werkgever in zijn veiligheidsinstructies tekort of blijkt de arbeidssetting onveilig en loopt een werknemer hierbij letselschade op dan dient de werkgever in beginsel de schade te vergoeden.

De werkgever is niet altijd aansprakelijk voor een bedrijfsongeval. De werkgever moet een verwijt kunnen worden gemaakt waaruit blijkt dat hij te kort is geschoten in zijn zorgverplichting. Hierbij kunt u denken aan het niet treffen van adequate veiligheidsmaatregelen. Voorbeelden hiervan zijn het werken met gevaarlijke machines zonder voldoende voorzorgsmaatregelen maar ook  werk- en rusttijden.  Ook als de werkgever onvoldoende veiligheidsinstructies heeft gegeven is hij aansprakelijk. Hij dient op het naleven van deze instructies na te zien alsmede in de gaten te houden dat het personeel de hiertoe noodzakelijke opleidingen volgt. Een veiligheidsinstructie die een keer gegeven is ,vrijwaart de werkgever dus mogelijk niet van zijn aansprakelijkheid.

De zorgplicht van de werkgever gaat ver. Zelfs zo ver dat de werknemer alleen maar hoeft te bewijzen dat er een causaal verband is tussen zijn letsel en de werkomstandigheden. De werkgever mag vervolgens gaan aantonen dat hij er alles aan gedaan heeft om het ongeval te voorkomen. Dit is tegenwoordig niet gemakkelijk. De aansprakelijkheid van de werkgever gaat zo ver dat ook buiten de poort van de fabriek de aansprakelijkheid van de werkgever voortduurt. Ook de veiligheid van de werknemer valt onder de zorgplicht van werkgever gedurende diens werktijd. Wordt een werknemer van achteren aangereden terwijl hij op weg is naar een klant in een bedrijfwagen dan kan hij zijn schade op de werkgever verhalen. 

Geen eigen schuld 
Bij bedrijfongevallen is het een alles of niets situatie wat betreft de aansprakelijkheid. In tegenstelling tot bijv. verkeersongevallen, kent men geen percentage eigen schuld. De werkgever moet van goeden huize komen wil hij bewijzen dat de werknemer bewust roekeloos of bewust onvoorzichtig is geweest. Eigen schuld wil zeggen dat een deel van de schade door het slachtoffer zelf gedragen dient te worden. De vraag is dan in welke mate de eigen gedraging heeft gezorgd voor het ontstaan van de schade. Bij bedrijfongevallen beschermd de wet de werknemer uitstekend. Ik zal u een aantal voorbeelden noemen.

Een werkneemster komt ten val bij Marfo terwijl ze van de wc komt en uitglijdt over een zeer gladde vloer. De werkgever geeft aan dat 6x per dag de vloer gereinigd wordt en dat hij derhalve er alles aan heeft gedaan om te voorkomen dat de werknemers uitglijden. Daarbuiten had hij de werknemers moeten voorzien van passend schoeisel. Dus ook een gladde bedrijfsvloer kan tot aansprakelijkheid van de werkgever lijden.  

Het wettelijk kader is art. 7:658 BW

1. De werkgever is verplicht de lokalen, werktuigen en gereedschappen waarin of waarmee hij de arbeid doet verrichten, op zodanige wijze in te richten en te onderhouden alsmede voor het verrichten van de arbeid zodanige maatregelen te treffen en aanwijzingen te verstrekken als redelijkerwijs nodig is om te voorkomen dat de werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden schade lijdt.
2. De werkgever is jegens de werknemer aansprakelijk voor de schade die de werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden lijdt, tenzij hij aantoont dat hij de in lid 1 genoemde verplichtingen is nagekomen of dat de schade in belangrijke mate het gevolg is van opzet of bewuste roekeloosheid van de werknemer.
3. Van de leden 1 en 2 en van hetgeen titel 3 van Boek 6, bepaalt over de aansprakelijkheid van de werkgever kan niet ten nadele van de werknemer worden afgeweken.
4. Hij die in de uitoefening van zijn beroep of bedrijf arbeid laat verrichten door een persoon met wie hij geen arbeidsovereenkomst heeft, is overeenkomstig de leden 1 tot en met 3 aansprakelijk voor de schade die deze persoon in de uitoefening van zijn werkzaamheden lijdt. De kantonrechter is bevoegd kennis te nemen van vorderingen op grond van de eerste zin van dit lid.

en vaak ook art. 6:174 BW betreffende de opstal

1. De bezitter van een opstal die niet voldoet aan de eisen die men daaraan in de gegeven omstandigheden mag stellen, en daardoor gevaar voor personen of zaken oplevert, is wanneer dit gevaar zich verwezenlijkt, aansprakelijk, tenzij aansprakelijkheid op grond van de vorige afdeling zou hebben ontbroken indien hij dit gevaar op het tijdstip van het ontstaan ervan zou hebben gekend.

2. Bij erfpacht rust de aansprakelijkheid op de bezitter van het erfpachtsrecht. Bij openbare wegen rust zij op het overheidslichaam dat moet zorgen dat de weg in goede staat verkeert, bij leidingen op de leidingbeheerder, behalve voor zover de leiding zich bevindt in een gebouw of werk en strekt tot toevoer of afvoer ten behoeve van dat gebouw of werk.

3. Bij ondergrondse werken rust de aansprakelijkheid op degene die op het moment van het bekend worden van de schade het werk in de uitoefening van zijn bedrijf gebruikt. Indien na het bekend worden van de schade een ander gebruiker wordt, blijft de aansprakelijkheid rusten op degene die ten tijde van dit bekend worden gebruiker was. Indien de schade is bekend geworden na beëindiging van het gebruik van het ondergrondse werk, rust de aansprakelijkheid op degene die de laatste gebruiker was.

4. Onder opstal in dit artikel worden verstaan gebouwen en werken, die duurzaam met de grond zijn verenigd, hetzij rechtstreeks, hetzij door vereniging met andere gebouwen of werken.

5. Degene die in de openbare registers als eigenaar van de opstal of van de grond staat ingeschreven, wordt vermoed de bezitter van de opstal te zijn.

6. Voor de toepassing van dit artikel wordt onder openbare weg mede begrepen het weglichaam, alsmede de weguitrusting.

 

Onderwerpen die nog beschreven dienen te worden:

  • De arbeidsinspectie en een ongeluk
  • Blijvend letsel door een bedrijfsongeval
  • FNV bondgenoten en letselschade
  • De bond en een bedrijfsongeval
  • Doden door een bedrijfsongeval
  • uitzendkrachten en een bedrijfsongeval
  • Werkgever aansprakelijk bij een bedrijfsongeval
  • De bouw en bedrijfsongevallen

You Tube

Voorbeeld van een bedrijfsongevallen online:

(geen bloedige voorbeelden maar wel ziet u hoe e.e.a. fout kan gaan)

Beknelling in bulkwagen

Lees ook Toxiteit en bedrijfsongevallen

Bron: Sector Kanton Rechtbank Alkmaar, 30-1-2008 (LJN BD1912)

Analyse Victory Juridisch Advies

Toxische vergiftigingen en het verhalen van schade
Een werknemer van Rotorline werd langdurig blootgesteld aan diverse oplosmiddelen die uiteindelijk bij hem tot een organisch psychosyndroom (OPS)  hebben geleid waardoor hij arbeidsongeschikt is geworden. De werknemer werkte in een zeer vervuilde omgeving met hoge temperaturen. Doeken doordrenkt in methyleenchloride en kwasten en rollers doordrenkt met oplosmiddelen werden in een open bak gedeponeerd. Er was boven de werkplekken geen afzuiginstallatie aanwezig en tijdens het lossen van de polyesterelementen kwam dermate veel damp vrij dat de werknemer(s) spontaan hoofdpijn kregen. In het vonnis wordt duidelijk, dat cliënt langdurig is blootgesteld aan oplosmiddelen.

Medisch causaal verband
De gezondheidsklachten zijn onderzocht door één van de twee Solventteams die in Nederland opereren. Deze zijn bij uitstek toegerust om toxische vergiftigingen te onderzoeken. In dit geval hebben dr. van der Laan en I. de Koning van het AMC de diagnose gesteld dat er bij de werknemer sprake is van OPS. 

Juridisch causaal verband
Aansprakelijkheid is uitgebracht op grond van de artikelen 6:175 BW en 7:658 BW. Art. 6:175 BW vestigt een risicoaansprakelijkheid voor gevaarlijke stoffen. Dit zijn stoffen waarvan bekend is dat zij zodanige eigenschappen hebben, dat zij een bijzonder gevaar van ernstige aard voor personen of zaken opleveren. Art. 7:658 BW betreft de zorgplicht van de werkgever voor zijn werknemers. De vraag die aan de orde is, is of het ongeval voorkomen had kunnen worden doordat de werkgever concrete technische maatregelen had getroffen ter voorkoming van het letsel. Het is evident dat Rotorline dit had kunnen doen.

Overgang van het bedrijf
De werkgever heeft aangevoerd dat de kantonrechter niet bevoegd was. De kantonrechter is daar op grond van art. 94 lid 2 Rv aan voorbij gegaan. De werkgever heeft verder gesteld dat nu zij alleen rechtsopvolger van Rotorline is, niet aansprakelijk hoeft te  dragen voor het oude personeel. De rechtbank is ook hieraan voorbij gegaan.  Indien de identiteit van het bedrijf hetzelfde blijft, het oude personeel hetzelfde werk blijft doen, de loonbetalingen doorlopen en ook de klantenkring hetzelfde blijft, mag geconstateerd worden dat het bedrijf door de nieuwe ondernemer is voortgezet of hervat met gelijke activiteiten. Er is aldus sprake van de overgang van een onderneming

Voorbeelden overgang van een onderneming
• Een onderneming wordt “omgezet” van een eenmanszaak naar een B.V., of andere rechtspersoon;
• Een ondernemer verkoopt zijn bedrijf (vaste activa, opdrachtenportefeuille, handelsnaam) aan een ander;
• Een ondernemer splitst zijn bedrijf en brengt de verschillende activiteiten onder in verschillende B.V.’s, of fuseert met een ander waardoor verschillende activiteiten juist onder de zeggenschap van 1 B.V. worden gebracht.
Er is geen overgang van een onderneming bij faillissement. Indien de oorspronkelijk ondernemer failliet is verklaard en de onderneming, na het faillissement, wordt verkocht aan een ander kan de werknemer dus niet terecht bij diens latere werkgever.

Contra onderzoek door de werkgever

In deze zaak laat de werkgever een onderzoek instellen door Indus Tox.  Deze doet een onderzoek naar “de retrospectieve beoordeling van blootstelling aan oplosmiddelen bij de ex-werknemer”. Een m.i. schandalige manier van werken in deze zaak omdat hypothetisch geschat wordt wat de geschatte gemiddelde concentratie oplosmiddelendampen in de ademzone van de werknemer zou zijn geweest in de periode 1994-1998.  Dit is volgens mij niet alleen een schier onmogelijk opgave. Het bleek tevens dat de werknemer zelf niet onderzocht noch geïnterviewd was. Er werden getuigen gehoord, in casu andere werknemers maar er konden geen verklaringen worden ingebracht maar veel belangrijker is het, dat een dergelijk onderzoek niet transparant en verifieerbaar is. We mogen immers aannemen dat een dergelijk onderzoek in de praktijk nimmer uitgevoerd kan worden. Mogelijk is het iets voor de onderzoeker om zijn theoretische geschatte kans op blootstelling te testen? We komen dergelijke onderzoeken steeds vaker tegen waarbij opdrachtgevers dik geld betalen voor een zeer subjectieve rapportage.

Conclusie

De werkgever mag nu gaan bewijzen dat hij wel aan zijn zorgverplichtingen heeft voldaan. Een onmogelijke opgave en hulde voor de werknemer die doorgezet heeft en straks zal gaan winnen.
Heeft u zelf een bedrijfsongeval gehad en vraagt u zich af of verhaal mogelijk is? Vul dan gratis ons responsformulier in en wij kunnen u snel inhoudelijk berichten.